Naar inhoud

Pandenbeleid

Gemeente kiest voor actief pandenbeleid

Sinds het in voege gaan van het zogenaamde grond- en pandendecreet in 2010 maakt de gemeente Beerse reeds werk van de opsporing en bestrijding van leegstaande panden. Leegstand kent immers een aantal negatieve effecten. Zo wordt een leegstaand pand vaak niet naar behoren onderhouden met verloedering tot gevolg, op die manier komt de leefbaarheid van een straat en/of wijk in het gedrang. Naast het leegstandsbeleid kiest de gemeente er nu ook voor om een eigen beleid te voeren om panden van slechte kwaliteit aan te pakken. Een goede zaak aangezien er veel vraag is naar kwaliteitsvolle en betaalbare woningen!

Panden die gedurende ten minste twaalf opeenvolgende maanden leeg staan, komen in aanmerking voor opname in het leegstandsregister van de gemeente. Als een pand opgenomen wordt in het leegstandsregister, heeft de eigenaar een jaar de tijd om het pand opnieuw (zelf) in gebruik te nemen of te verhuren, te renoveren of eventueel te verkopen, enzovoort.

Woningkwaliteit

Als woningen van slechte kwaliteit gebruikt of verhuurd worden, kan een belanghebbende – meestal de huurder – een aanvraag doen voor een woningonderzoek bij de gemeente. Vervolgens komt er een woninginspecteur ter plaatse om de nodige vaststellingen te doen. Problemen met de kwaliteit van de woning zijn echter niet altijd de reden dat een woningonderzoeker ter plaatse komt. Als een huurder een aanvraag doet voor een tegemoetkoming in de huurprijs, zal de kwaliteit van de woning ook onderzocht worden. Indien er effectief bepaalde gebreken vastgesteld worden, gaat de gemeente in gesprek met de eigenaar en de belanghebbende met het oog op herstel van de woning. Als er geen gebreken zijn of als de vastgestelde gebreken tijdig opgelost worden, levert de gemeente een zogenaamd conformiteitsattest af. Als de eigenaar niet bereid is om de gebreken te verhelpen, kan de gemeente de woning ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaren.

Ook als de buitenkant van een pand van slechte kwaliteit is, kan de gemeente optreden. In dat geval kan een pand opgenomen worden in het register verwaarlozing van de gemeente. Ook dan heeft de eigenaar een jaar de tijd om het pand op te knappen.

Werkwijze

In 2015 ging er een stadsregionale samenwerking leegstand van start. Sindsdien werken de vier gemeentes van de stadsregio samen bij de uitvoering van het leegstandsbeleid. In deze samenwerking staan een proactieve en klantgerichte aanpak voorop. Zo worden eigenaars van panden die in aanmerking komen voor opname in het leegstandsregister nog voor de opname aangeschreven en geïnformeerd over het leegstandsbeleid. Daarnaast wordt er ondersteuning geboden in de zoektocht naar een oplossing voor de leegstand van hun pand.

Ook de uitvoering van het beleid met betrekking tot woningkwaliteit zal een gezamenlijke aanpak zijn vanuit de vier gemeentes. Er wordt ingezet op ondersteuning van eigenaars bij het oplossen van vastgestelde gebreken. Het behoud van een goede relatie tussen eigenaar en belanghebbende (huurder) staat hier voorop.

Indien de eigenaar geen stappen zet om de leegstand op te lossen of de vastgestelde gebreken te verhelpen, zal de gemeente de eigenaar belasten. Die belasting is echter pas verschuldigd een jaar na de opname in het leegstandsregister of het register verwaarlozing. Als een woning ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaard wordt door de gemeente, zal de belasting in dat geval ook een jaar later verschuldigd zijn.

Voor meer informatie kan je de brochure van Wonen Stadsregio Turnhout raadplegen via https://www.stadsregioturnhout.be/informatiebrochure-belasting-pandenbeleid.

Meer informatie? Dennis Peeters - Wonen Stadsregio Turnhout - gsm 0493 55 31 25 - e-mail: dennis.peeters@stadsregioturnhout.be